Genre: Bebop
Componisten/uitvoerenden: Duke Ellington | James P. Johnson
Opnametechniek: Arjan van Asselt
De Bandwagon, daar kun je op springen. En dat bevelen we van harte aan!
“Jazz is dead”, klonk het rond 1980 alom. Ja, alle klassieke en moderne stijlen waren uitontwikkeld, en zelfs de kruisbestuiving met de rock had zijn beste tijd gehad. Maar de zin van mensen om jazz te maken en te luisteren verdween niet zomaar. Voor nieuwe generaties jazzmuzikanten is de vraag niet langer “hoe ga ik steeds een beetje verder” maar “hoe houd ik mijn muziek spannend?”
Pianist Jason Moran is van 1975 en heeft de jazz nooit “levend” meegemaakt. Als kind was hij fan van hiphop; de jazz greep hem pas als tiener. Zijn grote ijkpunten liggen dus in het verleden; hij heeft ze ontdekt toen ze allang hun waarde bewezen hadden. Iets wat Moran lijkt te onderkennen. Aan het begin van zijn nummers speelt hij het nummer niet zelf, maar laat hij een bandopname horen. Daarna vallen hij en zijn band in met hun improvisatie. Alsof ze willen zeggen: we weten dat we de muziek van vroeger spelen.
Maar als ze eenmaal los zijn: wow! Moran weet over alles te improviseren, van een traditionele Ellington-song tot over de muzikale spraakpatronen van het Chinees, en hij weet dat in alle stijlen te doen, van freejazz over Thelonious-bebop tot stridepiano aan toe. Muziek die als een toverdrank mengt en als een toverdrank werkt. Deze drie mannen hebben het begrepen, deze mannen maken jazz!